Veelgestelde vragen. - Onderwijs


Iedereen heeft een recht van afbeelding. Dat betekent dat je je toestemming moet geven alvorens iemand duidelijk herkenbare foto’s van jou mag publiceren of op het internet mag zetten. Bij kinderen die minderjarig zijn moeten in principe ouders hun toestemming geven. Dit geldt zeker voor persoonsgegevens als adressen.
Vele scholen of verenigingen fleuren vaak hun website op door foto’s te gebruiken, net als jongeren ervan houden om foto’s op hun blog te zetten. In principe moet je hier dus steeds toestemming voor vragen. Als de persoon in kwestie vraagt om de foto te verwijderen of om hem of haar onherkenbaar te maken, moet je dit dan ook onmiddellijk doen.
Het internet is een immense bron aan informatie waarop je werkelijk alles snel en gemakkelijk kan terugvinden. Het is dan ook logisch dat het onderwijs van deze technologische evolutie gebruik maakt en van kinderen vraagt om het internet te gebruiken bij het maken van huiswerk. Als dit op een goede manier gebeurt en men bijvoorbeeld het gesprek aangaat rond bronverificatie maakt dit onderdeel uit van de internetopvoeding van kinderen.
De school heeft als taak om kinderen kennis en vaardigheden bij te brengen zodat ze gewapend zijn om te functioneren in de maatschappij. Deze taak is heel breed en gaat zowel over theoretische dingen, als over rekenen en taal, maar ook bijvoorbeeld verkeersopvoeding waarin we kinderen leren zich op een veilige manier op straat te begeven. Aangezien vandaag ook het internet een onmiskenbaar onderdeel van onze maatschappij uitmaakt, is het een taak van de ouders zowel als de school om kinderen op te voeden tot een veilig en verantwoord internetgebruik.
In Vlaanderen zijn sinds het schooljaar 2007-2008 nieuwe ICT-eindtermen van kracht. Deze eindtermen focussen niet enkel op technische kennis maar ook op het veilig en verantwoord gebruik van Informatie- en CommunicatieTechnologieën.